‹ Bekijk alle inspiratie blog berichten

Edsilia Rombley: ‘In de muziek kon ik mijn gevoel uiten’

De dood is een van de weinige zekerheden in het leven. Dat is best beangstigend, vindt zangeres en presentatrice Edsilia Rombley (43) soms, maar het is vooral ook een reden om volop van het leven te genieten.

Speelt de dood een grote rol in jouw leven?

“Dat valt gelukkig mee. Ik probeer er in het dagelijks leven niet al te veel bij stil te staan. Wel denk ik dat het goed is om het er af en toe over te hebben, bijvoorbeeld met je partner of je ouders, zodat je van elkaar weet hoe je erin staat. Ik vind de dood het ergste wat er is. We gaan allemaal een keer, zonder uitzondering, alleen weet je niet hoe of wanneer. Dat maakt me weleens bang, maar ik laat die angst zeker niet mijn leven leiden.”

 

Ruim tien jaar geleden verloor je een goede vriendin aan een hersenbloeding. Welke impact heeft dat op jou gehad?

 

“Het was een totale shock. We hadden vlak daarvoor haar veertigste verjaardag gevierd. Ze stond in de bloei van haar leven. Je denkt: hoe kán dit? Totaal ongeloof. Als iemand lange tijd ziek is, leef je naar een afscheid toe. Maar dit was zo plotseling. Het was voor mij ook een soort wake-up call. In de periode erna ging ik ook meteen allerlei gezondheidstesten doen. Ik wilde zeker weten dat alles bij mij in orde was.Terwijl je er uiteindelijk natuurlijk maar weinig invloed op hebt. Wat dat betreft was dit voor mij ook een reality check: ineens besefte ik hoe fragiel je bent. Je kan zomaar uit leven geplukt worden, wij allemaal.”

Hoe ging je om met dat plotselinge verlies?

 

“Er zijn mensen die stil vallen en het allemaal even niet meer weten, maar ik schoot volledig in de regelmodus. Haar adoptie-ouders waren overleden, dus alles wat georganiseerd moest worden, werd door vrienden en familie gedaan. De begrafenis, het huis dat opgeruimd moest worden, veel telefoontjes, veel regelen. Er komt zoveel bij kijken. Ik heb veel gehad aan de begrafenisondernemer. Je bent er zelf toch minder bij met je hoofd en moet alles zó snel beslissen. Dan helpt het enorm als er iemand meekijkt die er verstand van heeft en alles in goede banen kan leiden. Na die eerste periode heb ik natuurlijk ook veel verdrietige momenten gehad en er met mensen over gepraat, maar ik stond ook in de overlevingsstand. Ik moest van mezelf door.”

Waar heb je in die periode steun uit gehaald?

 

“Dat is absoluut de muziek geweest. ‘Nooit meer zonder jou’ was het songfestival-nummer dat ik in 2007 zong. Daar was mijn vriendin nog bij. Na haar overlijden kreeg dat nummer een heel andere lading. Het was heel emotioneel om dat nummer tijdens optredens te zingen. Ik kan wel zeggen dat de muziek me erdoorheen heeft gesleept. Ik ging dan wel door, door, door, maar in de muziek kon ik mijn gevoel uiten.”

Ik kan me voorstellen dat jouw muziek anderen tot steun is. Hoor je dat ook van mensen?

“Dat hoor ik regelmatig en elke keer blijft het bijzonder. Als ik een nummer maak, hoop ik maar dat anderen ook snappen en voelen wat ik ermee bedoel. Als je die bevestiging krijgt, doet dat iets met je. Onlangs kwam het nummer ‘Als ik weer bij jou ben’ uit. Nu krijg ik veel berichten waarin mensen me vertellen dat die tekst zo erg bij hen binnenkomt, vooral nu met de situatie rondom corona natuurlijk. Het is prachtig dat mijn muziek mensen tot steun kan zijn, net zoals de muziek mij heeft geholpen.”

Denk je weleens na over hoe je eigen uitvaart eruit zou moeten zien?

“Oh ja, ik weet precies welke muziek er op mijn uitvaart gespeeld moet worden: ‘Don’t cry for me’ van CeCe Winans. Ik heb hem zelf ook gezongen op een van mijn cd’s. Maar verder vind ik het lastig. Er zijn zoveel keuzes. Wil je gecremeerd worden? Of toch begraven?
Er zijn in mijn leven zeker momenten geweest dat ik hier gesprekken over heb gevoerd, bijvoorbeeld met mijn ouders. Mijn moeder is heerlijk nuchter. Die zegt dan: ‘Cremeer mij maar, want dat kost minder geld’, haha. Ik weet wel dat het goed is om dat gesprek te voeren. Af en toe, niet te vaak. Het is ook goed om het daarna weer los te laten.”

Sommige mensen het lastig om het over dit soort onderwerpen te hebben.

“Juist daarom denk ik dat het goed is om het wél te doen. Er zijn ook veel mensen die het moeilijk vinden om anderen te steunen in periodes van verlies en rouw, bijvoorbeeld omdat ze niet weten wat ze moeten zeggen. Als iemand dan helemaal geen contact zoekt, kan de ander denken: hallo, waarom ben je er niet voor me? Ik snap dat het lastig is om je een houding te geven. Dat vind ik zelf ook weleens. Maar wat ik hierover heb geleerd: met weinig kun je veel betekenen. Al stuur je eens in de zoveel tijd een hartje op Whatsapp. Daar zeg je al veel mee, maar dan zonder woorden.”

Zijn er ook lessen die je hebt meegenomen uit die periode?

“Heel cliché, maar wel waar: ik ben nog meer gaan beseffen hoe hard je moet genieten van het leven. Als kind dacht ik: je gaat dood als je heel oud bent. Inmiddels heb ik natuurlijk genoeg gezien om te weten dat iedereen zomaar kan gaan, of je nou oud en ziek bent of jong en gezond. Soms maakt die gedachte me bang. Dan denk ik aan een briefje dat mijn schoonvader me ooit gaf. Hij had er een gedichtje op geschreven. ‘De mens lijdt vaak het meest door het lijden dat hij vreest. En dat nooit op komt dagen. Zo heeft hij meer te dragen, dan God te dragen geeft.’ Dat probeer ik altijd in mijn achterhoofd te houden. Zo staat mijn man (Tjeerd, met wie ze al twintig jaar samen is, red.) er ook in. Dat is het fijne aan samenzijn, dat je elkaars schouder kunt zijn. Hij zegt altijd: ‘Sta er niet te veel bij stil, maar geniet van het nu en jaag je dromen na, want het kan zomaar voorbij zijn.’ En daar heeft hij natuurlijk gelijk in.”

Welke dromen wil je zelf nog najagen?

“Ik heb nog genoeg dromen in het leven. Ik wil ooit nog een kerstplaat maken en optreden met een bigband of orkest, maar als je praat over levensdoelen denk ik in eerste instantie niet aan werk, maar aan mijn man, mijn twee dochters, het samen genieten. Tjeerd en ik proberen alle schoolvakanties van de kinderen vrij te nemen. Ze worden zo snel groot. We willen de momenten pakken die we kúnnen pakken. Daarbij heb ik het geluk dat muziek onze gezamenlijke passie is. Dat speelt in ons leven een grote rol. Mijn man produceert mijn plaat. Mijn jongste zit op pianoles. Als ik thuis liedjes moet instuderen, zingen mijn kinderen met me mee. Mijn twee dochters zien opgroeien tot sterke, gezonde meiden: uiteindelijk is dat mijn grootste droom.”