‹ Bekijk alle inspiratie blogberichten

‘Nog één keer reed hij langs zijn club, waar mensen stonden te klappen’

Astrid ten Oever is uitvaartbegeleider bij PC Uitvaart. Ze merkt hoe de aangescherpte maatregelen door het Coronavirus het afscheid moeilijker maken, maar soms ook tot mooie situaties leiden.

“De manier waarop we momenteel ons werk doen, voelt soms heel vreemd. Het begint al bij het bespreken van het afscheid, dat doen we nu telefonisch. Omdat je niet bij elkaar zit, is het moeilijker om verbinding te maken met de nabestaanden. Je kunt niet even een hand op iemands schouder leggen. Maar ik voel het vooral bij de uitvaarten zelf. Die zijn op een of andere manier veel intenser. Rauwer bijna. Omdat je met een klein clubje mensen bent, voel en zie je het verdriet van de aanwezigen nog veel meer dan anders. Je gaat terug naar de kern. En dat heeft tegelijk iets moois. Als je verdrietig bent, kan het prettig zijn als iemand een arm om je heen legt. Maar het kan ook fijn zijn om even in je eigen verdriet te zitten.

En zo zat hij daar. Even helemaal alleen met zijn verdriet.

Ik zag dat onlangs gebeuren bij een kleinzoon. Zijn moeder keek tijdens de uitvaart achterom met zo’n blik van: zal ik even naar je toe komen? Maar hij schudde met zijn hoofd: nee nee, laat mij maar. En zo zat hij daar. Even helemaal alleen met zijn verdriet. Het was zo puur.
In de aula’s staan de stoelen anderhalve meter bij elkaar vandaan. Mensen zeggen dan: ‘Hoezo, we liggen in één bed, waarom kunnen we niet naast elkaar zitten?’ Ik snap dat zo goed. Ik zou ook naast mijn partner of een familielid willen zitten. Maar volgens de richtlijnen van de overheid mogen we de stoelen niet verplaatsen.

Zingen op straat

“Zeker in de beginfase was het zoeken: wat kunnen we mensen nog bieden? Sommige families zeggen: ‘Het is wat het is en we doen het zo.’ Anderen staan open voor een nieuwe invulling van het afscheid. Zo was er een man overleden, ruim honderd jaar oud, die tot voor kort nog actief was bij een jeu de boules-club. Al die mensen wilden langskomen, maar dat mag natuurlijk niet. Toen stelde ik voor: ‘Waarom rijden we niet met de auto langs de club?’ Eerst hebben we een intieme dienst gehouden in de aula. Daarna vertrokken we naar de club. Toen de rouwauto langsreed, klonk er applaus. En zo kijken we elke keer hoe we mensen er toch bij kunnen betrekken.

Toen de rouwauto langsreed, klonk er applaus.

Een collega vertelde over een oudere dame die in een Amsterdamse volksbuurt woonde. Iedereen kende haar. Op de dag van haar afscheid zijn ze met de rouwauto naar haar huis gereden. Op straat zat een pianist te spelen. Hij begeleidde een zangeres die iets verderop stond, op veilige afstand. Samen brachten ze een muzikaal eerbetoon aan de overleden vrouw. En zo heeft iedereen met elkaar op een bijzondere manier afscheid kunnen nemen. Want dat is wat er ook gebeurt: mensen worden creatiever, ze gaan andere manieren bedenken om het afscheid vorm te geven.
Ik merk door de huidige situatie nog meer hoe belangrijk bepaalde gebruiken en rituelen zijn. Zoals de koffiekamer. Ik hoor mensen weleens zeggen: ‘Oh, dan sta je daar en dan moet je iedereen de hand schudden, ik vind dat het ergste wat er is.’ Maar nu blijkt hoe belangrijk dit is. Want normaal gesproken stap je met al je verdriet en je emoties de aula uit en dan kun je in de koffiekamer even tot rust komen. Napraten met familie, vrienden en kennissen. Nu stappen mensen noodgedwongen met al hun emoties naar buiten. Dat vind ik heftig.”

Berusting

“Het is soms niet te bevatten hoe ongelooflijk veel er is veranderd in heel korte tijd. Ongeveer een week voordat de eerste maatregelen werden afgekondigd, heb ik de uitvaart begeleid van een mevrouw die was overleden aan het Coronavirus. De familie had me tijdens voorbereidingen gevraagd: ‘Wat zijn eigenlijk de regels rond het Coronavirus?’ Er was toen nog veel minder bekend dan nu. We wisten al wel dat het belangrijk was om je handen regelmatig te wassen, om goed te letten op hygiëne. Maar er waren nog geen beperkingen met betrekking tot het aantal mensen dat bij de uitvaart mocht komen of de afstand die we tot elkaar moesten houden. Op verzoek van de familie heb ik toen tegen de gasten gezegd: ‘Als u geen handen wilt schudden, dan hebben we daar begrip voor.’ Nu héb je het daar niet eens meer over, het is al zo vanzelfsprekend. Niet lang daarna ‘ontplofte’ de boel en zijn er vanuit de overheid steeds meer maatregelen gecommuniceerd. En die zijn nog steeds in ontwikkeling.

Er is berusting: dit is de nieuwe situatie en daar hebben we mee te dealen.

Ik heb deze week een aantal families gesproken die afscheid moesten nemen van iemand in de pre-Coronavirus-periode. Zij vertelden me hoe blij ze zijn dat het nog op de ouderwetse manier kon, met iedereen erbij. ‘Het is een geluk bij een ongeluk geweest,’ hoor ik dan. En: ‘Ik had niet willen meemaken dat het anders was geweest.’ Toch merk je dat iedereen er nu ook aan gewend is. Er is een soort berusting. Zo van: dit is de nieuwe situatie en daar hebben we mee te dealen. Mensen zijn gelukkig heel flexibel en kunnen zich aanpassen aan deze nieuwe tijd, blijkt nu.”