‹ Bekijk alle inspiratie blogberichten

‘We moeten iets doen wat totaal niet bij ons werk past: afstand houden’

Hoe help je mensen die een dierbare verliezen in een tijd waarin persoonlijk contact aan banden is gelegd? Michél van Gulik van PC Uitvaart zorgt samen met zijn collega’s voor het vervoer en de verzorging van overledenen en ondervindt in zijn werk dagelijks de gevolgen van de corona-crisis.

“Als er iemand is overleden, zijn wij de eersten van PC Uitvaart die de nabestaanden zien. De familie of het ziekenhuis belt met het kantoor om het overlijden te melden en wij komen dan naar het ziekenhuis, mortuarium of woning om de overledene op te halen. Dat is het enige wat nog hetzelfde is gebleven, verder is niks meer zoals het was voor de corona-uitbraak. Je komt heel anders bij mensen binnen.

Die gedwongen afstand vind ik lastig. Het hóórt gewoon niet bij dit vak.

Het begint al met het voorstellen. Inderdaad, je kunt elkaar geen hand geven. Je staat letterlijk ver van elkaar af, terwijl je in dit vak juist dicht bij de ander wilt zijn om die te ondersteunen. Die gedwongen afstand vind ik lastig. Het hóórt gewoon niet bij dit vak. Gelukkig kan ik hier met collega’s goed over praten, zij maken natuurlijk precies hetzelfde mee. In het begin was het echt zoeken. Veel nabestaanden moesten wennen aan de maatregelen. Inmiddels hebben ze er begrip voor door alles wat ze lezen en zien in de media.”

Mondkapje en handschoenen

“Eén van de eerste dingen die ik zeg als we binnenkomen is: ‘Sorry dat het zo afstandelijk is, maar het kan niet anders.’ Wat ook niet meer kan, is een thuisopbaring. Of het verzorgen van de overledene samen met de familie. We kunnen het niet meer verantwoorden, ook omdat we een gezin hebben en ons thuisfront willen beschermen. Mensen die overlijden in een instelling of ziekenhuis zijn over het algemeen getest. Dan weet je dat je een pak en een mondkapje moet dragen als iemand besmet was. Maar is iemand in huis overleden, dan weten we het niet, omdat mensen niet getest worden. Daarom nemen we onze eigen voorzorgsmaatregelen, hoe vervelend dat ook is voor de nabestaanden. We doen een mondkapje en een bril op en gebruiken handschoenen. Helaas is het ook zo dat er op dat moment zo min mogelijk mensen in de woonkamer mogen zijn en we alles op afstand met de familie moeten bespreken.
In de rouwauto waarmee we de overledene naar onze verzorgingsruimte vervoeren, zit ik altijd met één collega. We werken met vaste collega’s om de kans op besmetting onder controle te houden. Gelukkig hebben we bij PC eigen uitvaartcentra, dus de overledenen blijven op dezelfde plaats.”

Indrukwekkende momenten

“Wij komen op plekken die nu voor anderen afgesloten zijn, denk aan verpleeghuizen en ziekenhuizen. Wat ik op de ic’s zie – hoe snoeihard de mensen daar werken en welke impact het coronavirus heeft – komt wel binnen. Daar praat ik wel met anderen over, ook thuis.

Ik zie heel veel verbroedering ontstaan

In de zorg ontstaan trouwens ook prachtige dingen. Je ziet dat alles wat er nu gebeurt heel erg verbroedert. Zo kwamen we een keer de lift uit in een ziekenhuis toen er net een zorgteam aan kwam lopen. Zij zeiden tegen ons: ‘Jullie doen goed werk!’ Waarop wij zeiden: ‘Nou, we mogen blijer zijn met jullie.’ Zo steken we elkaar een hart onder de riem. Dat zijn indrukwekkende momenten. Ik vind mijn werk nog altijd mooi en ik doe het met liefde. Samen met mijn collega’s doe ik er alles aan om een zo mooi mogelijk afscheid te organiseren.”